• Aan tafel bij hospice Kromme Rijnstreek in Houten met zorgvrijwilligers, verpleegkundige en (verdekt opgesteld) twee gasten en kookvrijwilligers Jan Laval (links) en Henk (rechts).

    Mireille de Putter

‘Onze gasten mogen best lekker ongezond eten als ze willen’

Mireille de Putter schuift rond zes uur ergens in de Kromme Rijn-streek aan en eet een hapje mee. De avondmaaltijd als spiegel van de regio. Je bent wat je eet.

Het is altijd een momentopname wie en wat je aantreft in hospice Kromme Rijnstreek in Houten. Kookvrijwilliger en bestuurslid Jan Laval vertelt: 'Soms komt iemand binnen die ernstig ziek en verzwakt is en dan is het verblijf van de gast bij ons slechts enkele dagen. Het komt ook voor dat mensen drie of vier maanden bij ons zijn. Het is zelfs wel eens een keer voorgekomen dat iemand bij ons is opgeknapt en weer terug naar huis kon. In zo'n geval zie je dat de zorg in het hospice soms beter voor iemand is dan de zorg thuis, bijvoorbeeld als iemand alleen woont. Maar gemiddeld genomen verblijven mensen hier anderhalve maand.'

SPAGHETTI BOLOGNESE Om klokslag zes uur worden de dampende pannen op tafel gezet. Jan: 'Soms kook je voor twee en soms voor twaalf mensen.' Behalve de gasten zelf, eten vaak ook bezoekers van de gasten mee en de aanwezige vrijwilligers en verpleegkundige. De kookvrijwilliger stelt uit zijn eigen repertoire twee menu's samen waaruit de gasten kunnen kiezen. Vanavond maakte vrijwilliger Henk aardappels met rode bietjes en een rundervink én daarnaast spaghetti bolognese. 'Als iedereen hetzelfde kiest, heb je een makkie.' Even klinken alleen de messen en vorken op de borden. Een goed teken. Henk kijkt vanuit de keuken tevreden toe hoe iedereen zit te smullen.

LEKKER ONGEZOND Zeven dagen per week wordt vers gekookt door vrijwilligers zoals Jan en Henk. 'Maar gezond eten is niet altijd aan de orde', zegt Jan met een knipoog naar de chocoladetoetjes die op tafel komen. 'De mensen mogen ook best lekker ongezond eten als ze willen.' In het hospice is plek voor vier gasten, die ieder in hun eigen appartement verblijven. Als ze willen en kunnen eten ze mee aan tafel in de woonkamer. Vanavond zijn dat twee dames, die het gezellig vinden samen te eten. De ene meldde zich met wat klachten bij de huisarts en kreeg niet lang daarna het onverwachtse bericht dat ze een tumor had. Als weduwe kwam ze toen in het hospice terecht. De andere mevrouw heeft een vergelijkbaar verhaal. Gelukkig komt er regelmatig bezoek en kunnen ze het samen goed vinden. Tijdens de maaltijd worden herinneringen opgehaald aan carnaval in Odijk lang geleden.

APPELBLOESEM Twee van de vier gasten eten in bed op hun eigen kamer, waaronder een meneer van begin vijftig die veel bezoek ontvangt. Ook Sjouke uit Odijk eet zijn rode bietjes vanuit zijn verstelbaar bed. 'Het is hier beter dan een hotel of ziekenhuis. Geen onderzoeken, pillen of apparaten. We zijn geen patiënten, maar gasten. En de vrijwilligers, zoals Jan, die werken echt vanuit hun roeping.' Sjouke oogt vermagerd, maar is duidelijk nog goed bij de pinken. Hij heeft altijd gewerkt als juridisch-bouwkundig ingenieur. Een jaar na zijn pensioen bleek dat hij ziek was. 'Het overkomt je, boem, het is een sluipmoordenaar; ik gun het niemand.' Nu, zes jaar later, is de behandeling gestopt. De huisarts raadde Sjouke aan naar het hospice te gaan, zodat zowel hij als zijn vrouw meer rust zouden hebben. Zijn vrouw kon zich erin vinden en komt om de dag op bezoek.

SIGAARTJE Hoewel Sjouke's hoofd het nog goed doet, heeft hij fysiek veel pijn door de uitgezaaide kanker en aangetaste ruggenwervels. Hij komt zijn bed nauwelijks nog uit. Sjouke: 'Het woord vervelen ken ik niet. Ik puzzel veel, ik rook op zijn tijd een sigaartje buiten op het terras. Ik heb leuk contact met de vrijwilligers en ik krijg regelmatig bezoek van familie en oud-collega's.' Jan vraagt Sjouke wat hij deze week voor hem zal koken. 'Waar heb je zin in?' Sjouke memoreert de gerechten die zijn vrouw altijd voor hem maakte. 'Mijn vrouw kookt fantastisch: sperziebonen met een gehaktbal of karbonaadje of bami met sambal.' Jan kookt ook graag Indonesisch. Zo maakte hij twee jaar geleden soto, Indonesische kippensoep, voor de gasten waaronder oud-vakbondsleider Arie Groeneveld uit Houten, die ook in dit bed in appartement Appelbloesem lag. 'Ik weet nog goed dat hij na het eten zijn duim omhoog stak naar me.' Niet zo lang daarna op kerstavond overleed de 90-jarige Groeneveld.

Na het overlijden van een gast steekt de familie een van de vier kaarsen aan in de hal, die daar staan naast een appel-, peren-, pruimen- of kersenbloesemtak, die verwijzen naar de appartementen. De zorgvrijwilligers doen ook stervensbegeleiding als dat nodig is.

LICHT Jan geeft een rondleiding door het hospice. Van de woonkamer met open keuken, langs de stiltekamer met piano, boekenkast vol poëzie en uitzicht op de groentetuin tot de garage die ook dienst doet als rookruimte. In de hal hangt een magneetbord met een indrukwekkende hoeveelheid pasfoto's van zo'n 120 vrijwilligers, die de zorg, de tuin, de boodschappen, het koken en het onderhoud voor hun rekening nemen. Daarnaast zijn er verpleegkundigen en coördinatoren in dienst via Buurtzorg. Korte tijd na het hospicebezoek wordt een van de kaarsen in de entreehal ontstoken. Het is de kaars met de appelbloesem. Sjouke is overleden.

Twee jaar geleden bezochten Jan en zijn vrouw het hospice voor het eerst, toen ze mee kwamen met een vriendin die als kookvrijwilliger werkte. Sindsdien zijn beiden ook vrijwilliger. Jan: 'Ik vind koken al lang leuk, maar sinds mijn pensioen heb ik me er meer in vastgebeten. Eten is toch een substantiële behoefte en het geeft me voldoening als je ziet wat je in het dagelijks leven voor mensen hier nog kunt betekenen. Ik vind het iedere keer weer bijzonder om mensen te zien genieten van het eten dat ik voor ze heb bereid.'