• Aankomst in China

    Mari Bergsma
  • Fietsen door de Charyn Canyon in Kazachstan

    Mari Bergsma

Op de fiets naar China: Fietsen door Kazachstan naar de Chinese grens

Mari Bergsma en Eva Frenaij (beide 29) fietsten op 2 maart 2019 weg uit Wijk richting het oosten. 6,5 maand en 9260km later komen ze aan in Almaty, Kazachstan en is het nog maar een week fietsen naar de Chinese grens. Hier vertellen ze over hun reis. Deze keer: slapen in een 'liefdes hotel' in Kazachstan en raadselachtig China.

Kazachstan klinkt heel ver weg, dat is het ook maar het voelt alsof we in de Betuwe fietsen. Het is vlak en zo ver we kunnen kijken zien we appelboomgaarden. Kazachstan is relatief rijk vanwege een grote olievoorraad en heeft goede wegen. We zijn op weg naar Almaty, de voormalige supermoderne hoofdstad van het land. Maar het lukt ons net niet, het begint donker te worden en het centrum is nog 23km ver weg. Onze fietslichten zijn al een tijdje kapot, het is spits en we moeten slalommen tussen de auto's die in de file staan.

Dan zien we ineens naast de foute massagetenten in neonletters 'hotel' staan. Onze redding, een meisje staat op van een inklapbedje en bekijkt ons eens rustig. Ze vraagt: 'willen jullie 1 uur of 2 uur?'. Rare vraag, liever een hele nacht. Dat kan ook. Als we de kamer binnenkomen, geen wastafel zien en wel een groot rood bed en de mogelijkheid om champagne te bestellen snappen we het eindelijk. Mensen zijn hier niet om te slapen.

Een grote Kazach die al eerder naar ons zat te loeren spreekt ons aan in de lobby, we reageren een beetje angstig maar hij blijkt niet in ons maar in de fietsen geïnteresseerd te zijn. 's Ochtends staat hij voor onze deur met een bevriende fietsenmaker, hete cappuccino en broodjes hotdog. Een uur later fietsen we Almaty in met door de bevriende fietsenmaker perfect afgestelde remkabels.

In Almaty ontmoeten we een bevriend stel dat ook naar China fietst. In vijf dagen leggen we samen de laatste 350km af naar de grens. Het landschap is uitgestrekt en afgezien van de appelbomen is het grotendeels dor en leeg. Vlak voor de grens stuiten we op de Charyn Canyon, die doet denken aan een miniatuur versie van de Grand Canyon (en ook zo geadverteerd is). De rode aarde is in vreemde formaties weggesleten door de heldere rivier die diep beneden ons stroomt. Half fietsend, half slippend glijden we van de helling de spectaculaire canyon in. Op de bodem rennen kleine muizen tussen holletjes heen en weer en zetten wij na een ijskoude sprong in het water onze tentjes op.

De volgende ochtend moeten we die fietsen weer uit de canyon krijgen. Een schoolklas biedt zich aan en geholpen door giechelende tieners dragen we ons fietsen honderden treden naar boven. Eenmaal boven worden we gelijk beloond door een Kazachse familie die ons champagne inschenkt. Twee dagen later is het zo ver, we komen bezweet en moe van de tegenwind aan bij een futuristische maar lege Chinese grensovergang. Als we de eerste keer 'Ni Hao' zeggen komt het besef: we zijn echt naar China gefietst.

Een paar dingen vallen gelijk op: het wegdek is subliem, zelfs het kleine grensstadje heeft wolkenkrabbers en ze hebben schappen vol met vreemde producten in de uitstekend bevoorrade supermarkten. Enthousiast proberen we gepofte kastanjes en groene rijstcakejes. De vacuümverpakte kippentenen laten we liggen voor de Chinezen.

Het blijkt wennen in China, alles is anders. Er wordt luid gegeten, gerocheld en gelachen. We worden overal aangestaard en iedereen moet en zal een selfie met ons maken. Engels wordt in de dorpen en steden waar we doorheen fietsen niet gesproken. Dat wij geen Chinees spreken is voor hen nog veel vreemder. Daarom wordt altijd snel een kladblok gepakt waar vervolgens Chinese tekens opstaan. Dat we die ook al niet begrijpen leidt tot nog meer onbegrip en blikken van medelijden. Je ziet ze denken 'wat begrijpen die mensen dan wel?'.

Lichaamstaal, dat begrijpen we en dat hebben we nog wel gemeen. In restaurantjes wijzen we de juiste ingrediënten aan en vaak worden we in onze wang geknepen door Chinese vrouwen van middelbare leeftijd. Ook beginnen we gewoon terug te kletsen in het Nederlands als er een Chinees betoog gehouden wordt en dat werkt fantastisch. Na 9610km gefietst te hebben door 16 landen kunnen we nog altijd lachen om absurde situaties en de Chinezen die lachen gezellig om ons/met ons mee.